Yes, taxi? bike?
Zondag 02 November 2008 16:49

En er zijn alweer twee weken voorbij gegaan... Tijdens het laatste verhaal bevond ik me in Bangalore waar ik een week heb doorgebracht. De laatste avond ben ik met Ajay naar het nieuwe appartement van Ahsish gaan kijken. Als piloot voor kingfisher heeft Ahsish een bovengemiddeld salaris en dus ook een mooi appartement. Het lag redelijk ver van het centrum af, en dan pas realiseer je je hoe groot de stad eigenlijk is.

Met Bangalore heb ik een echte haat-liefde verhouding: Vrolijk op het moment dat ik er weer ben, bekende straten, cafe's, restaurants... Nog vrolijker wanneer ik het weer achter me kan laten. De laatste dag liep ik rond 19.00 uit het 'General Post Office' uit, na een minuut in een rickshaw te hebben gezeten zonder een meter vooruit gekomen te zijn besloot ik te voet naar Ajay te gaan. Echt ongelofelijk; de hele stad stond vast met toeterend verkeer. Op Cubbon road kon ik nog maar amper over de stoep lopen omdat links en rechts motors me voorbij gingen.

Gelukkig ging die avond de trein richting betere oorden; bestemming Goa! Het treinverkeer in India is redelijk goed geregeld... Het enig nadeel is dat het zo populair is, en daardoor moet je ver van tevoren een ticket reserveren. Wat natuurlijk niet handig is wanneer je geen plan hebt en dus ook niet ver vooruit kan kijken. Mijn ticket was een sleeper class, de laagste klasse, en bracht me naar Londa. Op het moment dat ik het ticket boekte had ik geen flauw idee waar dat mocht zijn, de ambtenaren achter de treinloketten zijn niet altijd even klantvriendelijk... Maar goed, de trein vertrok om 21.30 in Bangalore en zou 's morgens in Londa aankomen. In de trein zat ik tegenover een moeder met d'r twee zoontjes, gelukkig waren het rustige kinderen en heb ik relatief goed kunnen slapen. In Londa aangekomen moest ik met de bus naar Ponda, daarna de bus naar Panjim, en toen nog eens naar Calangute / Baga... Reizen in India is met de trein een genot ten opzichte van met de bus. De technische staat van de bussen laat vaak te wensen over, en van het wegdek is vaak niets meer te zien. Daarbij moest ik in de eerste bus staan waardoor ik die twee uur heb ervaren als de afdaling van een boekel piste...

In Baga hadden Daniel en Christine het hotel al van mijn komst ingelicht waardoor ik op straat al werd ontvangen met “Welcome, are you Paul from the Netherlands?”. Baga is een klein plaatsje wat bestaat uit ongeveer 5 straten, een doorsnee strand, en redelijk veel uitgaansgelegenheden. Om de kamers van het hotel te bereiken moest je door de half open keuken lopen van het bijbehorende restaurant. Na dit een keer gedaan te hebben verging je spontaan de honger en had je geen behoefte meer om de kunsten van de chef te proberen. De kamers waren basic en dit keer voor de verandering eens geen kakkerlakken, muizen of muggen als huisdieren.



In heel India was het van zondag tot dinsdag het Diwali festival, wat er voor garant stond dat er iedere avond vuurwerk was en het strand druk bezet werd door de locals. Net als in Varkala waren ook hier fotograferende Indiërs in de leeftijd variërend van 16 tot 30+ die lustig kiekjes aan het schieten waren van het vrouwelijke vlees (ongelofelijk dat zelfs mannen van 30+ dit doen). Op de straten van Baga word je om de 5 meter lastig gevallen door aanbiedingen van taxi's, motors, scooters, zijde, juwelen, t-shirts, lunch, diner, bier en meer van dat soort. De eerste dag is er nog mee te leven, maar daarna begint het gewoon heel irritant te worden. Je kunt er op verschillende manieren mee omgaan; negeren, ze voor de gek houden, of kwaad worden. Ik heb alle manieren geprobeerd, maar het blijft een irritante bijkomst van de toeristische oorden.

Op iedere woensdag is de 'beroemde' vlooienmarkt in Anjuna, een plaatsje zo'n 5 kilometer noordelijk van Baga. Heel erg boeiend vond ik het niet; de irritante verkopers die op iedere hoek van de straat met hun kraampjes staan om je dagelijks met hun koopwaar lastig vallen verzamelen zich op één plek aan het strand, en vallen je met z'n allen tegelijk lastig. Een soort van vrijwillige marteling :-) Ik heb uiteindelijk niets gekocht, maar wel vaak geprobeerd om zoveel mogelijk van de prijs af te krijgen. Zo ging een fantastische broek voor de 'vastelaovend' van 1200 Rs naar 300 Rs, een tas van 500 Rs naar 100 Rs enzovoort. Na de morgen op de markt doorgebracht te hebben zijn we 's middags gaan zwemmen en daarna met enkele kingfishers (bier) van de zonsondergang in Anjuna genoten.



De verjaardag van Christine hebben we samen met Tom en Heidi gevierd. Tom en Heidi uit Manchester hadden we ontmoet in Varkala, en daarna nog eens in Cochin. Na het eten in een restaurant waar ze maar een cd van Jack Johnson hadden zijn we naar DE club van Baga gegaan; Tito's club. Als koppel betaal je samen 500 Rs om binnen te komen en ik als eenzame 'stag' moest 800 Rs ophoesten. De club viel nogal tegen, en zijn na een half uur naar de volgende club gegaan. Op het strand eerder die dag werden flyers van de Loungefly uitgedeeld, de jongen die deze aan ons overhandigde zette onze namen op de gastenlijst en omdat koppels hier gratis naar binnen konden en stags 500 Rs moesten betalen, verzon Heidi voor mij een vriendin met de naam Emma. 's Avonds bij de Loungefly aangekomen vertelde we dat Emma zich niet goed voelde en mocht ik gratis naar binnen :-). In de Loungefly kwam ik Lars, een Hollander, tegen waarvan ik na twee zinnen al vermoede dat het een Limburger was. Hij bleek uit Venlo te komen en op de Ginkelstraat te wonen! 200 meter van het Nolensplein... Soms kan de wereld erg klein lijken.

De avonden erna werd de groep uitgebreid met William uit Quebec, een Frans Canadees; hij zou kwaad worden als ik hem alleen Canadees zou noemen. Daarbij werd het Ierse aandeel vergroot door Ian en Emily uit Dublin die in een half jaar een wereldreis gaan maken. William steeg de alcohol al redelijk snel naar het hoofd, wat erin resulteerde dat hij ging skinny dippen in de zee wat in een hilarisch tafereel ontaarde. Al kijkend naar het vuurwerk kwam bij mij de vraag op of er ook een engels woord was voor een 'gillende keukenmeid', wat dus niet het geval was. De rest moest enorm lachen om de naam en de manier hoe ik hem in het Nederlands uitsprak.



De laatste dag in Baga heb ik iets gedaan wat ik al vanaf het moment wou doen dat ik voor het eerst een Royal Enfield zag; op een Royal Enfield rijden... De Royal Enfield is een Motor van Indische makelij, met een eencilinder motor waardoor hij een heerlijk geluid produceert. Het was wel even wennen want de versnellingspook en de achterrem zaten precies andersom als de motors die ik gewend ben en daarbij ging de versnellingsgang ook nog eens andersom. De eerste paar minuten kwam het daardoor vaak voor dat ik opschakelde wanneer ik wou remmen en op de rem trapte als ik wou terugschakelen. Met de motor ben ik de Portugese forten Chapora en Aguada beide uit de 16de eeuw, gaan bekijken. Op de terugweg naar Baga kwam ik zonder benzine te staan maar gelukkig stopte de motor precies bij een winkel waar ze bereid waren om een litertje voor me te halen.



Goa, waarschijnlijk de relaxte staat van India. Wanneer je niet verder kijkt dan je hotel, restaurants, clubs en het strand vergeet je bijna dat je je in India begeeft. Ik vond het heerlijk maar op een gegeven moment begint ook dat je te vervelen. Nog een keer de zonsondergang in Baga:



Vrijdag zijn we om 12:00 met de trein vertrokken naar Delhi, de volgende dag kwamen we om 18:00 aan, een treinreisje van 30 uur. Ik had me op het ergste voorbereid, aangezien Delhi de hoofdstad is van India en met 14 miljoen inwoners nagenoeg evenveel mensen als Nederland herbergt, maar het viel me allemaal wel mee... Vandaag hebben we al van alles gedaan, maar dat komt weer in het volgende verhaaltje!

Groeten,

Paul